ADEM FRISSE LUCHT, MIJN LIEF

en dat daar dan ook
plaatsen zijn tussen de petgaten
met kronkelige paden, bomen
en struiken met licht groen blad
in de verte rechte polderdijken
en dat we dan dwalen
hand in hand
elkaar verhalen vertellen
over vroeger, toen we jong waren
over wat je deed en graag had willen doen

twee verschillende werelden
gapend gat tussen droom en werkelijkheid
zo anders dan de mijne

kom laat ik je dragen, zegt hij
ik til je hoog
zodat je wolken kunt plukken
en daarna rusten in het gras
adem frisse lucht, mijn lief
laat dromen uitkomen nu het nog kan

nee, we zijn nog niet te oud

ik til je hoger zodat je
de blauwe lucht kunt kussen
zweef, lief, zweef,
zweef je droomwereld in
toe maar, durf maar, ga maar
wees de fee in het bos,
het elfje op de stam
sta op, leef en lach

 
  1. Gedicht van Henk Dillerop I Leeuwarden