DE PAAL

Hij stond op ’t hoekje van de laan:
de oude houten paal.
En omdat hij van niemand was,
was hij van allemaal.

Poes sleep aan hem z’n nageltjes,
de hond lichtte er z’n poot
en voor kinderen was de paal
heel vaak een speelgenoot.

De fietsen vonden er hun steun,
vogels een punt van rust.
En afspraakjes bij ‘d oude paal…
er was wat afgekust!

Zo stond hij er veel jaren lang
tot “Nut Van ’t Algemeen”
Maar ja… een simpele houten paal,
gaat op den duur ook heen.

Hij zakte in elkaar en ach-
de doodgewone paal-
ja, mens en dier, ze missen hem
ontzettend. Allemaal!

 
  1. Gedicht van Henny Oosterveld-v.d. Harst, Heerenveen